
De varroamijt (Varroa destructor) is de grootste bedreiging voor honingbijen wereldwijd. Deze parasiet verzwakt bijenvolken, verspreidt gevaarlijke virussen en kan zonder beheersing leiden tot het verlies van complete volken. In deze blog lees je alles over de oorsprong van de varroamijt, sinds wanneer hij in Nederland voorkomt, hoe hij zich voortplant en wat de gevolgen zijn voor bijen en bijenvolken.
Wat is de varroamijt?
De varroamijt is een kleine, roodbruine parasiet van ongeveer 1,1 mm lang en 1,5 mm breed. Met het blote oog is ze goed te zien op de rug of tussen de segmenten van een bij. De vrouwtjesmijt hecht zich vast aan volwassen bijen of nestelt zich in het broed, waar zij zich voedt en voortplant.
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, voedt de varroamijt zich niet alleen met bijenbloed (hemolymfe), maar vooral met het vetlichaam van de bij — een essentieel orgaan voor energieopslag, ontgifting, hormoonregulatie en immuunsysteem.
Herkomst en verspreiding
Oorspronkelijk leefde de varroamijt op de Aziatische honingbij (Apis cerana), die natuurlijke verdedigingsmechanismen tegen de mijt heeft ontwikkeld. De westerse honingbij (Apis mellifera) had die niet, en werd daardoor extreem kwetsbaar toen de parasiet in de 20e eeuw wereldwijd werd verspreid.
Via bijenhandel en transport van imkermateriaal bereikte de varroamijt in de jaren ’50 Europa. In 1983 werd ze voor het eerst officieel vastgesteld in Nederland. Sindsdien is de varroamijt in ons land overal aanwezig.

Levenscyclus van de varroamijt
De levenscyclus van de varroamijt is nauw verbonden met die van de honingbij:
-
Mee liften – Een bevruchte vrouwtjesmijt reist mee op een volwassen bij en zoekt een broedcel op vlak voor deze wordt verzegeld.
-
Verborgen in het broed – In de afgesloten cel voedt de mijt zich op de bijenlarve en begint eieren te leggen. Het eerste ei is meestal een mannetje, de rest vrouwtjes.
-
Paring in de cel – De nakomelingen paren onderling. Zodra de jonge bij uitloopt, verlaten de bevruchte vrouwtjes de cel om nieuwe gastbijen te zoeken.
Varroamijten planten zich sneller voort in darrenbroed dan in werksterbroed, waardoor hun populatie in korte tijd sterk kan groeien.
Schade aan individuele bijen
Een bij die als larve door varroamijten is aangevallen, kan:
-
Minder weerstand hebben tegen ziekten
-
Korter leven
-
Slechter oriënteren en vliegen
-
Misvormde vleugels ontwikkelen door het Deformed Wing Virus (DWV)
Zelfs bijen zonder zichtbare schade kunnen drager zijn van virussen die door de mijt worden overgedragen.
Effect op het bijenvolk
De varroamijt is niet alleen schadelijk voor individuele bijen, maar vormt ook een groot gevaar voor het hele volk. Naarmate de besmetting toeneemt:
-
Wordt het broed minder levensvatbaar
-
Daalt het aantal werksters
-
Nemen virale infecties snel toe
-
Kan het hele volk in nazomer of winter instorten
Onder gunstige omstandigheden verdubbelt de mijtenpopulatie elke maand. Zonder beheersing bereikt de besmetting vaak een kritiek punt in de late zomer — precies wanneer het volk zich voorbereidt op de winter.
Waarom de varroamijt zo’n blijvende bedreiging is
Sinds de introductie in Nederland in 1983 is de varroamijt niet meer weg te denken uit de imkerij. Elk bijenvolk in Nederland wordt vroeg of laat besmet. Door haar snelle voortplanting en het vermogen om virussen te verspreiden, is de varroamijt uitgegroeid tot één van de meest succesvolle én schadelijke parasieten ter wereld.


